CHU Brugmann UVC Foto UVCB
FRNLEN

>>Prof. Isidore Pelc, "Je moet net dat tikkeltje waanzin hebben"

Een diensthoofd dat vooral dicht bij de mensen staat1 mei is het feest van de arbeid. "Arbeid er maar lustig op los, maar het zal in elk geval zonder mij zijn", lacht Isy Pelc. Die dag gaat hij immers met pensioen. Als briljant diensthoofd streed hij op het hoogste niveau voor een betere geestelijke gezondheids-zorg en leidde hij in de jaren 80 de architecturale vernieuwing van de psychiatrische eenheid in goede banen. De paviljoenstructuur die hij daarvoor uitdacht, is heus niet het enige spoor dat hij nalaat in het ziekenhuis…

Isidore Pelc, die binnenkort 65 wordt, is een dynamisch, grappig en intelligent personage dat altijd even alert is. Hij is hoofd van de afdeling psychiatrie, maar veel meer dan dat. Pas afgestudeerd aan de universiteit, trad hij veertig jaar geleden in dienst in het Brugmann-ziekenhuis, waar hij al dertig jaar lang de dienst leidt. Daarbij beperkte hij zich niet tot leidinggeven, maar herstructureerde hij de dienst volledig. Op die manier maakte hij van een dienst psychiatrie die nog in zijn kinderschoenen stond - net als de psychiatrie zelf in die tijd trouwens - één van de modernste en belangrijkste centra voor geestelijke gezondheidszorg van België. Portret van een buitengewoon man...

Hij drukte als geen ander zijn stempel op Brugmann

Toen Isidore Pelc midden jaren 60 aan de slag ging in het Brugmann-ziekenhuis, had het Instituut voor Psychiatrie nog meer weg van een asiel. "Het was toen de gewoonte om de patiënten op te sluiten in gesloten centra, ver van de stad en verborgen voor de buitenwereld. Helemaal achter in het ziekenhuis, vlak vóór het mortuarium. Ze verbleven in een gemeenschappelijke zaal en werden allemaal behandeld op dezelfde plek", vertelt hij. "De psychiatrie stond toen trouwens nog maar aan het begin. Artsen hadden slechts twee behandelingsmogelijkheden: psychoanalyse en shocktherapie. Doeltreffende geneesmiddelen bestonden er toen nauwelijks; pas in de jaren 60 en 70 kwamen de eerste echt werkzame producten op de markt tegen psychische stoornissen: de antidepressiva en de neuroleptica." Om die evolutie in goede banen te leiden, moest de Brugmann-structuur hervormd worden. "Net als mijn voorganger Paul Sivadon wilde ik muren slopen, een frisse wind doen waaien en elke patiënt recht geven op een stukje intimiteit. Paul Sivadon heeft zijn ideeën niet kunnen verwezen-lijken, maar ik kon wel profiteren van een gunstige context om ze erdoor te krijgen. Vandaar dat we vandaag een paviljoen-structuur hebben met gebouwen die zeer open zijn dankzij grote schuiframen en die veel natuurlijke materialen bevatten, zoals baksteen en hout. Elk paviljoen is gewijd aan een specifieke aandoening, want de onderzoeken die we uitvoeren en de behandelingen die we ontwikkelen zijn niet identiek. Elke problematiek vereist immers aangepast onderzoek en een dito aanpak."

Je moet net dat tikkeltje waanzin hebbenStrijdlust én humor

Die spectaculaire vooruitgang kwam er uiteraard niet zomaar: Isidore Pelc moest er keihard voor knokken. Dat hij de nieuwe structuur erdoor kreeg, komt omdat hij voortdurend druk uitoefende op de toenmalige directie. "De regionalisering was toen volop aan de gang, en in Brussel werden de eerste moderne Academische Ziekenhuizen gebouwd. Ik maakte de directie duidelijk dat, als we het roer niet omgooiden, Brugmann al zijn patiënten zou kwijtraken!" Het zou trouwens niet zijn laatste gevecht zijn: "Heel mijn loopbaan lang heb ik op tafel moeten slaan en zelfs op zere tenen moeten trappen om mijn budgetten te krijgen. Gratis bestaat niet: je moet bewij-zen wat je waard bent. Vandaag moet ik nog altijd vechten om de psychiatrie de plaats te geven die ze verdient." Isidore Pelc heeft ook iets weg van een revolutionair: "Veel van mijn plannen stootten op scepsis. Vaak kreeg ik te horen dat ik gekker was dan mijn patiënten! Een mens heeft echter net dat tikkeltje waanzin nodig, want stilstaan is achteruitgaan. Af en toe moet je met creatieve oplossingen voor de dag durven komen, ook al stoot je er mensen mee tegen de borst omdat je afwijkt van de platgetreden paden en regels overtreedt. Bovendien was het toch altijd beredeneerde waanzin!"

De geestelijke gezondheidszorg vooruithelpen

Die noodzaak om vooruitgang te boeken, geldt niet alleen voor Brugmann. Isidore Pelc wil heel de psychiatrie doen evolueren: "We hebben een totaalaanpak nodig, anders dreigen we elk op ons eilandje te werken. Ik wil de dingen doen bewegen omdat ze me raken… of danig op de zenuwen werken. Zo heeft het me vaak getroffen dat er in het buitenland oplossingen bestonden die wij hier niet toepasten. En ik leg me niet neer bij de stigmatisering waarvan psychiatrische patiënten het slachtoffer zijn." Vandaar dat Isidore Pelc zichzelf zo’n beetje heeft "opgedeeld". Als clinicus en onderzoeker nam hij geen genoegen met een leerstoel aan de geneeskundefaculteit van de ULB, maar was hij ook decaan van de Geneeskundefaculteit. Tijdens zijn mandaat richtte hij een mastersopleiding op aan de Solvay-school, om komaf te maken met het amateurisme dat al te vaak heerste bij de directie van verzorgingsinstellingen. Hij richtte, samen de Faculteit Psychologie, een 3de cyclus op in "Geïntegreerde Psychotherapie". Hij legde er zich immers niet bij neer dat wie een vorm van psychotherapie beoefent, niets zou afweten van wat er in andere, verwante stromingen gebeurt. Zich beperken tot wetenschappelijk onderzoek, is het laatste wat hij wil! Zo zit hij in heel wat werkgroepen voor het geestelijke gezondheidszorgbeleid, vertegenwoordigt hij België bij de WGO voor geestelijke gezondheid en is hij voorzitter van de sectie "Geestelijke Gezondheid en Psychosociale Factoren" van de Hoge Raad voor de Volksgezondheid, een adviesorgaan van de federale overheidsdienst Volksgezondheid. Hij voert ook een reeks ontwikkelingssamen-werkingsprogramma’s uit in Tunesië, Congo, Bulgarije en Zuidoost-Azië. Maar hoe doet hij het in godsnaam om al die activiteiten te combineren? "Ik delegeer veel en geef snel verantwoordelijkheden door aan mijn medewerkers."

Wat nu…?

Sommige activiteiten vallen uiteraard niet stil nu prof. Pelc met pensioen is. Hij zegt weliswaar zijn eenheid vaarwel, maar niet de psychiatrie. Zonder de patriarch uit te hangen: "Mijn medewerkers kennen mijn boodschap maar al te goed, want ik hamer ze er al dertig jaar in! Ik weet dat mijn opvolgers net als ik dat noodzakelijke tikkeltje waanzin hebben." Isy Pelc zal nu meer tijd kunnen besteden aan tuin, gezin en vrienden, zoals de traditie dat voor-schrijft. Maar ook aan «schrijven en lezen, maar geen psychiatrie». Een eigen roman misschien? "Waarom niet? Je hoort immers nog al wat als psychiater!"

:: Geen droevig afscheidsfeest :: Als een diensthoofd over korte tijd weggaat, worden er op zijn dienst vaak geheime voorbereidselen getroffen om hem te vieren. We zullen daarover geen woord lossen. Het Instituut voor Psychiatrie van haar kant organiseert een publieker eerbetoon, met name een seminariecyclus die op 24 april 2006 afloopt. "Ik heb aan verschillende mensen die met mij hebben samengewerkt in Brugmann, gevraagd om een balans op te maken van de vraag "wat is er geworden van onze dromen?". We zullen daarbij de thema’s van onze publicaties bespreken en nagaan hoe ze geëvolueerd zijn. Zoiets doet me echt plezier." Geen droevige toestanden dus. "Ah nee! Zie ik er soms triest uit?" Absoluut niet, prof. Pelc!

Auteur : Marion Garteiser
Bron : Osiris News (n° 4, maart-mei 2006)